Japan: Het land van de rijzende zon en de ondergaande aandelenmarkt

De aandelenmarkt is eng. Waar wereldwijde aandelen gemiddeld sinds 1900 na aftrek van inflatie zo’n 5% rendement hebben behaald en de Amerikaanse aandelenmarkt geen twintigjarige periodes heeft gekend waarin het rendement negatief was, is dat rendement niet zonder slag of stoot behaald. Waar beleggers over de hele wereld een grote weging geven aan hun thuismarkt, is het maar de vraag of dat verstandig is. Een aandelenbelegger uit Japan die de afgelopen decennia in Japanse aandelen heeft belegd, kan daar vast en zeker over meepraten.

Verschillen in rendementen tussen landen

In het Credit Suisse Global Investment Returns Yearbook 2017 spreken de auteurs Dimson, Marsh en Staunton over de succes bias wanneer ze het over de rendementen van de Amerikaanse aandelenmarkt hebben. Met een jaarlijks rendement van 6,4% na inflatie sinds 1900 verslaat de VS de meerderheid van de landen. Dat is echter een periode waarin de VS een enorme economische ontwikkeling doormaakte en zich manifesteerde als ontwikkelde economie, waar het voorheen als een opkomende markt te boek stond. Bovendien een periode waarin de VS relatief ongeschonden uit wereldoorlogen kwam, waar de meeste ontwikkelde economische grootmachten in de 20e eeuw zwaar gehavend uit de strijd kwamen.

Waar de 17e en 18e eeuwen gedomineerd werden door de Amsterdamse aandelenmarkt, is het dus tegenwoordig de Amerikaanse aandelenmarkt die het leeuwendeel van de beursgenoteerde bedrijven huisvest. Over de afgelopen vijftig jaar scoorde de Nederlandse aandelenmarkt zeer goed met een jaarlijks rendement na inflatie van zo’n 7%. Ter vergelijk, de VS zat in die periode tegen de zes procent aan. Persoonlijk heb ik geen idee welke aandelenmarkt over de komende tientallen jaren het beste zal presteren, dus beleg ik wereldwijd gespreid.

Vooraf is het lastig in te schatten welk eendje opgroeit en welk eendje in de put terecht komt. Zo ook met aandelenmarkten.
Vooraf is het lastig in te schatten welk eendje groot groeit en welk eendje in de put terecht komt. Zo ook met aandelenmarkten.

Dat wereldwijde spreiding over meerdere landen en regio’s aan te raden valt, wordt onderstreept door de landen die het wat minder hebben gedaan. Geschiedenis wordt geschreven door de winnaars, maar kijken naar de verliezers leert ons misschien wel meer. Sinds 1900 is de Oostenrijkse aandelenmarkt het lelijke eendje, met een reëel rendement van 0,8% per jaar. Er zijn echter nog lelijkere eendjes aan te wijzen. In deze categorie vallen de aandelenmarkten van China en Rusland, waar aandelen door overheidsingrijpen van de ene op de andere dag niets meer waard waren. Waar Rusland in 1900 nog zo’n 6% van de wereldwijde aandelenmarkt was en de aandelenmarkt tot 1914 bijna verdubbelde in waarde, begon met de oktoberrevolutie in 1917 de eerste socialistische staat ter wereld en verloor de aandelenmarkt haar functie en aandelen hun waarde. Confiscatie van vermogen door jouw overheid is een gevaarlijk risico, maar helaas een waar moeilijk tegen te verdedigen valt. Voorkomen dat je een Oostenrijks rendement behaald door zo breed mogelijk te spreiden, is echter wel een logische stap om ervoor te zorgen dat je niet juist dat lelijke eendje kiest. (1)

In het geval van Japan lijken de rendementen op het eerste gezicht best prima, met een jaarlijks reëel rendement van 4,2% sinds 1900 en eenzelfde rendement over de afgelopen 50 jaar. Toch wordt Japan vaak aangehaald als het over falende aandelenmarkten gaat.

Een imploderende bubbel

Eind jaren ’80 was de Japanse aandelenmarkt goed voor ongeveer 40% van de wereldwijde aandelenmarkt. Op dat punt was de waarde van het vastgoed in Tokyo vier keer zo groot als de waarde van al het vastgoed in de VS (bron: A Wealth of Common Sense door Ben Carlson (referral link)). De aandelenmarkt kende torenhoge waarderingen, waar er voor één euro winst ruim 100 euro koerswaarde betaald werd. Een prijs die dusdanig hoog is, dat het maar de vraag is of die investering zich terug betaald in een gemiddelde beleggingshorizon.

In Manias, Panics, and Crashes door Robert Aliber en Charles Kindleberger (referral link) wordt verteld hoe de Japanse aandelenmarkt eind Jaren ’80 een soort perpetuum mobile was geworden. Japanse bedrijven investeerden hevig in (leningen voor) vastgoed, waardoor de prijs van vastgoed steeg, waardoor de prijs van de aandelen stegen en er weer meer in vastgoed belegd werd. Totdat in 1990 de machine in omgekeerde richting begon te bewegen, waarbij verkopen in vastgoed zorgden voor dalende prijzen van zowel het vastgoed als van de ondernemingen die veel van dat vastgoed in de portefeuille hadden. Hierdoor kwamen de banken in het nauw en werden er minder leningen uitgegeven, dit weer met gevolg dat investeerders in vastgoed minder makkelijk aan kapitaal konden komen en de vastgoedprijzen verder daalden. Resultaat: Een aandelenmarkt die zo’n 80% daalde en al decennialang op haar gat ligt.

Europa vertoont op dit moment enige gelijkenissen met Japan. Hoewel de Europese economie meer divers is, kan een blijvend lage inflatie of zelfs deflatie verstrekkende gevolgen hebben. Voor mij weer een extra reden om wereldwijd te blijven beleggen en geen bewuste focus te leggen op de ene of de andere regio. Voorspellers van de toekomst zitten er vrijwel altijd naast en alleen de enkeling die het goed heeft, wordt achteraf geprezen.

Hoe zwaar was de Japanse nasleep?

Wellicht had ik deze vraag anders moeten stellen. De Japanse aandelenmarkt is namelijk nog steeds niet boven haar top in 1989 uitgekomen. Deze calculator geeft daar wellicht een beter beeld bij. Vanaf december 1989 tot januari 2017 komt het totaalrendement inclusief dividend in Yen uit op -28%. Corrigeer je deze data voor inflatie (of beter gezegd, deflatie, het minder waard worden van de valuta), dan komt het rendement op -36% uit.

Dit rendement zou je gelukkig enkel hebben behaald wanneer je vrijwel op de piek al je vermogen belegt. Voor veel mensen is dat niet het geval doordat ze periodiek beleggen en net als de dieptepunten van de aandelenmarkt ook de toppen niet weten te voorspellen. Aan de andere kant stappen veel mensen uit de beurs wanneer het slecht gaat, waardoor ze hun verliezen realiseren en de kans op herstel opgeven. De les is in ieder geval om je niet te focussen op één land, of dat nu Japan, de VS of Nederland is. Een tweede les is om je niet enkel op aandelen te richten, maar ook over beleggingscategorieën te spreiden. Een toewijzing aan vastrenderende beleggingen zorgt ervoor dat je beter aan je plan kunt vasthouden en je de beweeglijkheid van je beleggingsportefeuille verkleint.

Een laatste punt is om je niet teveel te laten leiden door historische rendementen. Aan het eind van de jaren ’80 kende een Japanse aandelenbelegger een jaarlijks rendement van zo’n 20% per jaar sinds de jaren ’60. De drie daarop volgende decennia waren echter een stuk minder fortuinlijk. Wie denkt te weten wat de komende dertig jaar ons zal brengen, zal waarschijnlijk nog een aantal keren flink verrast worden. Mede vanwege situaties als in Japan ben ik blij dat ik wereldwijd spreid, maar besef ik me zeker dat aandelen ook dan nog risicovol zijn. Zonder risico immers ook geen rendement.

De informatie in dit stuk reflecteert mijn persoonlijke mening en bevindingen. Als je fouten aantreft of suggesties hebt, hoor ik die graag. Dit is niet bedoeld als beleggings- of belastingadvies of een aansporing tot aankoop van bepaalde effecten. Zie voor meer informatie de disclaimer.
Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmailFacebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

8 reacties op “Japan: Het land van de rijzende zon en de ondergaande aandelenmarkt

  1. Hoi Mick, mooi uitleg en inderdaad een goede herrinering over de risicos van beleggen in specefieke aandeel markten. Japan is de laatste 20-25 jaar alleen maar zijwaards gegaan. Ben beniewd wat je mening zelf is naar het vooruitzicht van de Japanse aandeel markt?

    • Ha Kevin,

      Goed om te horen dat je het artikel kunt waarderen.

      Zelf heb ik geen sterk gefundeerde mening over de toekomst van de Japanse aandelenmarkt. Aandelenmarkten zijn op de korte termijn zeer onvoorspelbaar en de Japanse is relatief beweeglijk. Op economisch gebied gaat Japan nog altijd niet lekker, ondanks het Abenomics beleid waarmee gepoogd wordt de inflatie aan te wakkeren. Ik durf niet te zeggen of die situatie zal verbeteren. Net als met de aandelenmarkt is de economie ook vrij onvoorspelbaar en is de relatie tussen die twee alleen op de lange termijn goed te zien. Uiteraard houden de huidige waarderingen ook rekening met de huidige situatie voor de Japanse bedrijven, dus blijf ik op het pad dat ik geen voorspellingen kan, wil en gelukkig ook niet hoef te doen.

      Vriendelijke groet,

      Mick

  2. Toen ik een half jaar geleden ‘all in’ instapte, was ik ook bang voor dit soort scenario’s. Een crash die na enkele jaren herstelt is vervelend, maar nog wel te doen bij een lange horizon. Maar hoe weet je dat dit soort Japanse taferelen ook niet met wereldwijde spreiding gebeurt en het nooit meer op het oude niveau terug komt?

    Waarschijnlijk is die kans niet reëel (maar ook niet uit te sluiten) en heb ik de stap maar gemaakt. Maar ook nu denk ik: een daling van 50% tijdens een crisis is wel te verwachten. Dat is immers al enkele keren gebeurd. Daar moet je dus rekening mee houden. Maar hoe eerder je dit meemaakt, des de schadelijker voor je eindkapitaal. Dus nu maar duimen dat ik eerst nog een paar jaar wat reserves kan opbouwen voordat ik een crisis moet doorstaan 😉

    • Hoi Sam,

      Helaas weten we niet of zoiets ook op wereldwijde schaal voor kan komen, uitsluiten kunnen we het inderdaad niet. Zolang je met enige regelmaat belegt, zul je gelukkig naast op slechte momenten ook op goede momenten aankopen. Een probleem in Japan is de langdurig lage of zelfs negatieve inflatie, onder andere door een sterk verouderende bevolking. Dat laatste hebben we in West-Europa ook, maar daar hebben de opkomende markten en de VS bijvoorbeeld minder last van. En wie weet, zal technologische vooruitgang dat allemaal compenseren. Ik heb er in ieder geval wel vertrouwen in dat de wereldwijde economie op de lange termijn groeit, maar uiteraard zijn er zoals zoveel in het leven geen zekerheden.

      Wat je punt over die crisis betreft, dat klopt inderdaad als je in één keer een groot bedrag belegt. Wanneer je echter regelmatig in zult leggen, is een dalende markt juist interessanter doordat je goedkoper inkoopt. Reserves zijn uiteraard altijd aan te raden. Ook denk ik dat een crash vroeg in je beleggingshorizon je emotioneel sterker maakt, of in ieder geval zal leren wat je wel of niet aan kunt qua risico.

      Vriendelijke groet,

      Mick

  3. Ik zit met je op een lijn voor wat betreft wereldwijd spreiden. Welke sector het beter zal gaan doen en wanneer is niet te voorspellen.
    Desalniettemin gaan we ook met wereldwijd beleggen onze dips weer krijgen. Als je je er maar op instelt en belegd blijft.

    • Ha Mr FOB,

      Dank voor je reactie! Ook met jouw punt wat betreft de dips ben ik het helemaal eens, je moet bij het maken van je beleggingsplan inderdaad rekening houden met de dalingen die ongetwijfeld zullen komen. Het ontwijken van die dalingen is helaas onbegonnen werk.

      Hartelijke groet,

      Mick

  4. Een toewijzing aan vastrenderende beleggingen zorgt ervoor dat je beter aan je plan kunt vasthouden en je de beweeglijkheid van je beleggingsportefeuille verkleint.

    Wat versta je onder vastrenderende beleginngen? Welke hou je zelf aan?

    • Hoi Yolo,

      Hartelijk dank voor je reactie. Met vastrenderende beleggingen doel ik op beleggingen die een vaste uitkering kennen, zoals obligaties of spaarproducten. Mijn visie op vastrenderende beleggingen vind je hier terug. Momenteel beleg ik naast aandelen voornamelijk in spaardeposito’s en een klein deel in een Dela spaarverzekering. Die laatste zie ik als wat minder veilig vanwege het tegenpartijrisico.

      Vriendelijke groet,

      Mick

Laat een reactie achter